De Pinksterstage wordt gegeven door Wilko Vriesman, directeur van onze Aikikai Federatie – de D.A.F. Het belooft een warme dag te worden. In de ochtend voelde je het al en de ventilatoren in de Vriesman-Dojo te Amsterdam draaide gelukkig op volle toeren. Wilko had er goede zin in. Het thema was centreren. Iets wat je denkt als vanzelfsprekend te doen en te ervaren tijdens het trainen, maar niets is minder waar. Als Wilko het onderwerp tijdens deze stage gerichte aandacht geeft, is er weer een heleboel te leren. We duwen en trekken te veel; we werken eigenlijk veel te veel fysiek, te hard ook.

‘Als de entree okay is dan…’ Wilko kijkt lachend naar de aikidoka’.s op de mat. Het lijkt wel een verkoop ‘slogan’, zegt hij. Tja, als de entree okay is dan: is het werken erg licht; ben je zelf goed gecentreerd; heb je de balans van de partner te pakken. Tijdens deze stage wordt de slogan met vele opties vervolgens vanzelf aangevuld. Wilko begint met ai hanmi als aanval. De entree is een cirkel die moet doorlopen tot aan je eigen knie. Daar zijn je ijkpunten. De meesten stoppen te vroeg met als gevolg dat je zelf geen balans hebt en de ander zijn/haar balans nog heeft. Dan instappen onder het centrum van de partner. Laag blijven en wederom controleren of je gecentreerd bent.

Dan veranderen de aanvallen in een rap tempo. Van ai hanmi naar shomen, yokomen, katate dori et cetera. Steeds op het zelfde gecentreerde punt uitkomen. Licht blijven werken onder druk, dat is wat de aikidoka leert: het vermogen om jezelf te openen in de aanval. Rechtop, schouders omhoog en iets naar achteren, borst vrij maken. Dan weer verder. ‘Je moet eerst de fysieke basis creëren bij jezelf en dan het geestelijke erop. Van onderaf.’ Leren centreren tijdens de Pinksterochtend heeft wel iets. Door het gecentreerde werken in de lichtheid lijkt het soms wel alsof het bijna vanzelf gaat. Gelukkig leert Wilko ons steeds weer met twee voeten stevig op de mat te blijven staan.