De derde inner-bridge alweer. Vanuit de Aikido Bond begint het traditie te worden om vanuit verschillende secties met elkaar aikido stages te geven. Hier en daar nog wat zoeken naar de vorm, maar de werking begint aan te slaan. Ruim veertig aikidoka’s hadden zich verzameld in de dojo van de bond op TopSportcentrum Papendal. Werkelijk steenkoud toen we binnenkwamen. Wij waren samen met Piet Lagerwaard van de AFN de eersten. Piet had de kachel net aangezet. Verder zouden Ruud van Ginkel van de ASN en Wilko Vriesman van de DAF nog komen. De ‘managing directors’ van deze drie secties. Heren van stand want alle drie in het bezit van de zesde dan. De top van Aikido Nederland zo gezegd. Het is tof om eens met andere stijlen kennis te maken en ik was dan ook zeer benieuwd naar wat we zouden krijgen. Piet meldt bij de aftrap dat het de bedoeling is dat de leraren toelichten wat ze zelf ontdekt hebben binnen het aikido en dit zo delen met de volgende generaties. Een stevige warming up die zeer welkom was om de ergste kou van ons af te schudden. Het is een voor ons wat afwijkende warming up met schuddende handen en trekkende bewegingen met de armen. Bij de roeibewegingen merkte je al snel dat het centrum hard aan het werken was en dat was gelijk ook het thema van de eerste les deze middag gegeven door Piet.

De vraag aan het publiek waarom we de bewegingen van de warming up zo maken? Het activeren en versterken van het centrum! Op een stage had Piet zelf opgepikt dat het veranderen van de richting van je buik enorm veel invloed heeft op de uke. Zonder kracht krijg je dan veel voor elkaar. Hij demonstreert het met een stok voor de groep, waardoor je overduidelijk begrijpt wat hij bedoelt. Piet demonstreert het met een shiho nage vanuit katatedori. Met de buik naar de hand, de richting veranderen waardoor de balans van de ander zonder kracht verstoort wordt, waarna je er feitelijk zo onderdoor kunt lopen. We doen hetzelfde met ai hanmi ikkyo: eerst de buik van richting veranderen en dan pas verder. Zeer effectief. Als we werken naar de ura variant, dan laat Piet zijn buik eerst zakken. We schakelen naar shomen waar hij ons vraagt eerst de aanvaller te ontvangen en dan pas de techniek in te zetten. Het werken met aikidoka’s vanuit andere stijlen is bijzonder om te doen. Bijzonder omdat je toch weer moet wennen aan de stijl van de betreffende sectie. Ik zoek meestal de uke van de betreffende docent snel op, want die kan je er het beste en snelste er doorheen gidsen. De laatste oefening is met chudan tsuki. De slag laten passeren, achter de uke schuiven: eerst je centrum laten vallen en dan de balans verstoren.

Het tweede uur was voor Ruud, die duidelijk op zijn gemak was voor de groep studenten. Hij posteert zichzelf als iemand die een opera gaat voordragen: de armen voor zijn borst op schouderhoogte en de vingers die naar elkaar wijzen. De uke komt aangesneld om zijn pols te pakken, maar Ruud draait behendig om zijn eigen as waardoor de uke zich rot rent om hem bij te benen. Na anderhalf rondje verandert de leraar de richting waardoor de uke op de grond valt. Ruud vertelt ook dat zijn eigen leraar een zen-priester was en dat voor hem aikido een moving-zen is. Hij is zelf een vreselijke luie tori, vertelt hij aan de zaal. Zijn vader wilde hem liever op boxen, maar hij was eigenwijs. Hij koos voor zijn aikido. Deze leraar houdt niet van het geweld, kiest niet voor de harde klemvormen. Het gaat hem niet om winnen. De beweging zoeken, maken en verlengen, dat is vooral zijn ding. Daar gaat het voor hem om. Het is inderdaad hard werken als uke in deze vorm. Vederlicht kan je wel zeggen als het loopt volgens deze regels. Het vallen was even wennen omdat de hoeken zo anders verlopen. Fraaie ushiro vormen met dezelfde principes. Je laat de uke helemaal om je heen rennen, dan achterlangs en als deze aan de voorzijde weer verschijnt, dan pak je de balans door de handen in de lucht te wisselen. Als het loopt, is het voor tori inderdaad een feestje.

Wilko zet het laatste uur in na een korte pauze. Hij licht toe dat er verschillende vormen van werken zijn en dat je aikido mee verandert met je leeftijd. Je kunt kiezen om de kracht uit je heupen te laten komen of je schouders te openen met extensie. Met een uke voor de klas demonstreert hij kort de verschillende vormen. De open aikido houding, daar hecht hij waarde aan. “Aikidoka’s torpederen het vijandbeeld.” Wilko geeft verschillende vormen om te leren de lijn tussen uke en tori te beheersen. Dit ook met elkaar te checken of het nu wel of niet klopt. Groen licht of rood licht om in te gaan. We geven vaak veel te veel informatie zegt hij: iemand is aan het duwen of aan het trekken. Met een uke voor de klas: kijk, nu is hij al gevallen alleen weet hij het nog niet. De ukes wenkbrauwen gaan iets om hoog en kijken vol ongeloof naar Wilko. Die rustig aan de vinger van uke trekt waardoor deze pardoes voorover moet rollen. Wilko geeft veel degelijke didactische werkvormen om een en ander te onderzoeken bij elkaar. Rechtop staan, contactpunt neutraal maken, openen van de schouders, diafragma laten vallen en ingaan. Hier en daar gaat hij ineens los met enorm veel power. Indrukwekkend om te zien en om mee te maken. We moeten geen vluchteling worden van onze eigen behuizing, vertelt hij. ‘De veiligheid in jezelf zoeken, een rustig brandend haardvuurtje van binnen. Een mobile-home maken. Het innerlijke werk, daar gaat het om!’